Graindelavoix organiseert audities voor zangers die zich verwant voelen met de stijl en het repertoire van het gezelschap.Zangers hoeven niet per se gespecialiseerd te zijn in oude muziek: we appreciëren jouw expertise en algemeen muzikale en vocale kwaliteiten!Stuur je kandidatuur naar katrijn@graindelavoix.be samen met wat je relevant lijkt: CV, klank of video opnames/fragmenten, andere info die nuttig zou kunnen zijn…De audities vinden plaats in Muziekcentrum De Bijloke in Gent op 2, 3 en 4 maart 2022.
We kijken ernaar uit je te verwelkomen!
Graindelavoix organizes auditions for singers of all genres and kind who feel close to the ensemble’s approach and repertoire.Singers don’t have to be specialized in any kind of style: we appreciate your expertise and general musical and vocal skills!Please, send your application to katrijn@graindelavoix.be accompanied with what you think could be relevant: CV, sound and/or video examples, other stuff you might imagine as useful…The auditions will take place in Muziekcentrum De Bijloke in Ghent (Belgium) on March 2, 3 & 4 2022.
Looking forward to receive your letter!
Herbeluister Björn Schmelzer op Klara in Pompidou, met Anne-Mie Vankerckhoven en geïnterviewd door Heleen Debruyne.
Onderwerp: de Time Regained expo in De Bijloke Gent…
Tonight! Orlando Furioso by Jacquet de Berchem in Antwerp!
With Florencia Menconi, Andrew Hallock, Andrés Miravete, Albert Riera, Tomàs Maxé, Arnout Malfliet, Floris De Rycker & Björn Schmelzer
ORLANDO FURIOSO van Jacquet de Berchem (geboren in Berchem rond 1505 en gestorven rond 1567 in Monopoli in Apulië/Italië)
Als afsluiter van de tentoonstelling “Helden in harnas” kunnen de muzikale bewerkingen niet ontbreken die de Antwerpenaar Jacquet de Berchem in de 16de eeuw maakte van 92 verzen uit Ariosto’s grootse ridderepos Orlando Furioso.
Hoorde de kleine Jacquet de populaire ridderverhalen in zijn jeugd in Antwerpen en lieten die hem in zijn latere leven als componist niet meer los?
Dat zou kunnen, maar we weten heel weinig over Jacquets jeugdjaren. Hij maakte vooral carrière in Italië en hoewel nu vergeten, was hij tot in de baroktijd beroemd, zo beroemd zelfs dat Caravaggio zijn partituren schilderde op verschillende van zijn werken.
Hij trouwde met een Italiaanse adelijke dame, Giustina de Simeonibus, en vestigde zich in het visserstadje Monopoli nabij Bari in Apulië.
De stanze of verzen uit de Orlando Furiosodie een soort mini-opera avant-la-lettre vormen, werden in 1561 in Venetië uitgegeven. Berchem noemde ze Capriccio’s en gebruikte daarmee deze term voor het eerst in de muziek.
Ze houden het midden tussen het serieuze madrigaal en de meer populaire cantastorie, de epische manier om ottava rima stanze te declameren.
Graindelavoix voert een selectie van deze bijna nooit uitgevoerde werken uit. En daarmee keert Jacquet de Berchem weer voor even terug naar zijn geboorteplek, met de ridderverhalen die hem vooral in Italië beroemd zouden maken.
Join us tonight for lecture & opening exhibition Time Regained at 19:30 in De Bijloke.
Waar kan de expo Time Regained beter gedijen dan in het kabinet van De Bijloke in Gent?
Kom maandagavond kijken en luisteren naar Björn Schmelzer en verlies jezelf in het Warburg-labyrint.
De Standaard tipt Time Regained expo in De Bijloke!
"De monumentale en experimentele beeldatlas van de Duitse kunsthistoricus Aby Warburg krijgt bijna een eeuw na diens dood een comeback van Graindelavoix. De expo met tien grote tafels aan beeldmateriaal rommelt wellustig in de onderbuik van de oude muziek."
Opening op maandag 17 januari met een lecture/talk door Björn Schmelzer om 19u30…
Wie was Aby Warburg? Wat heeft zijn beruchte Beelden-Atlas met muziek te maken? Hoe werken muzikale beelden?
Is er een verleden dat nog niet in beelden bestaat? Zijn partituren diagrammen die het kunnen capteren?
Daarover vertelt Björn Schmelzer maandagavond om 19u30 in De Bijloke, ter gelegenheid van de opening van de expo Time Regained…
Monday 17.01.2022 - 26.02.2022, De Bijloke Gent
Time Regained - A Warburg Atlas for Early Music
EXPO daily open one hour before the planned activities
Monday 17.01.2022, De Bijloke Gent / Café
Time Regained - A Warburg Atlas for Early Music
19.30 - 21.00 Lecture Björn Schmelzer
Friday 21.01.2022, Erfgoedbibliotheek Antwerpen
Music for Finissage Expo Helden in Harnas
19.00 Orlando Furioso, Jacquet de Berchem
20.00 Orlando Furioso, Jacquet de Berchem
21.00 Orlando Furioso, Jacquet de Berchem
EXPO TIME REGAINED - A WARBURG ATLAS
De Bijloke Gent 17 Januari - 26 Februari 2022
Waar kan 2022 voor Graindelavoix beter starten dan in Muziekcentrum De Bijloke, residentieplek van het gezelschap?Vanaf 17 januari tem 26 februari 2022 kan je in het kabinet terecht voor de expo TIME REGAINED, de "Warburg Atlas” voor (oude) muziek die Björn Schmelzer samen met Margarida Garcia opzette.De expo was voordien al te zien in Nederland en Polen en nu voor het eerst in België.Garcia en Schmelzer brengen de ondergrondse poetica van Graindelavoix aan de oppervlakte aan de hand van 10 (werk)tafels die samen een haast oneindige Atlas vormen. De tafels bevatten meer dan 1500 afbeeldingen geordend volgens thema’s als Ornament & Plasticity, Cathedralists, Pneumatics, Diagrammatics, Allure & Dance, Lament, Musica Reservata, Politics of Polyphony, Survival & Revival...
LEZING TIME REGAINED - A WARBURG ATLAS
De Bijloke Gent / Café 17 Januari 2022, 19.30
Op maandag 17 januari om 19u30 vertelt Björn Schmelzer tijdens een lezing in het Bijloke Café hoe TIME REGAINED tot stand kwam, waarom het een poëtica van Graindelavoix is en hoe de bezoeker met de Atlas aan de slag kan gaan.Verwacht geen droge muziekgeschiedenis maar eerder een afdaling in de ondergrond van ideeën van Aby Warburg, Marcel Proust en Walter Benjamin en wat die te maken hebben met de uitvoeringspraktijk van Graindelavoix.
EXPO CATALOGUS TIME REGAINED - A WARBURG ATLAS
Naar aanleiding van de expo verscheen bij MER Paperkunsthalle / Borgerhoff & Lamberigts de uitgebreide expo catalogus TIME REGAINED (A Warburg Atlas for Early Music)Je kan het boek bestellen via de Graindelavoix webshop.
ORLANDO FURIOSO, JACQUET DE BERCHEM
Nottebohmzaal Erfgoedbibliotheek Antwerpen
21 Januari 2022 19.00, 20.00, 21.00
Op vrijdag 21 januari sluit Graindelavoix de expo Helden in Harnas af in de Antwerpse Erfgoedbibliotheek met delen uit de Orlando Furioso van Jacquet de Berchem (1505 in Berchem - 1567 in Monopoli, Italië) Over de jeugdjaren van Jacquet de Berchem is niets geweten. Hij maakte vooral carrière in Italië en hoewel nu vergeten, was hij tot in de barok beroemd, zo beroemd zelfs dat Caravaggio zijn partituren schilderde op verschillende van zijn werken.Hij trouwde met de Italiaanse adellijke dame Giustina de Simeonibus en vestigde zich in het visserstadje Monopoli bij Bari in Apulië. De stanze of verzen uit de Orlando Furioso, een mini-opera avant-la-lettre, werden in 1561 in Venetië uitgegeven. Berchem noemde ze Capriccio’s en gebruikte daarmee deze term voor het eerst in de muziek.Ze houden het midden tussen het serieuze madrigaal en de meer populaire cantastorie, de epische manier om ottava rima stanze te declameren. Graindelavoix voert een selectie van deze bijna nooit uitgevoerde werken uit. En daarmee keert Jacquet de Berchem voor even terug naar zijn geboorteplek, met de ridderverhalen die hem vooral in Italië beroemd zouden maken.
met Florencia Menconi (sopraan), Andrew Hallock (contratenor), Albert Riera (tenor), Andrés Miravete (tenor), Marius Peterson (tenor) en Arnout Malfliet (bas), zangersFloris De Rycker, luit/teorbe en Björn Schmelzer (artistieke leiding)
EXPO TIME REGAINED - A WARBURG ATLAS
De Bijloke Gent / Café 17 January - 26 February 2022
No place better to inaugurate 2022 than Music Center De Bijloke in Ghent, artistic residency of Graindelavoix!From 17 January until 26 February 2022, the Cabinet accommodates the exhibition TIME REGAINED, a "Warburg Atlas" for (early) music, created by Björn Schmelzer together with Margarida Garcia.Previously shown in the Netherlands and Poland, TIME REGAINED is now for the first time in Belgium. Garcia and Schmelzer bring Graindelavoix's underground poetics to the surface via ten (work) tables providing an almost infinite Atlas. The tables contain more than 1500 images arranged according to themes as Ornament & Plasticity, Cathedralists, Pneumatics, Diagrammatics, Allure & Dance, Lament, Musica Reservata, Politics of Polyphony, Survival & Revival…
LECTURE TIME REGAINED - A WARBURG ATLAS
De Bijloke Gent 17 January 2022, 19.30
Björn Schmelzer opens the exhibition with a lecture in Bijloke Café on Monday 17 January at 7.30 pm, explaining how TIME REGAINED came about, why it embodies the poetics of Graindelavoix and how the visitor can get started with the Atlas. Don't expect a dry music history lesson, but rather a descent into an underground network of ideas of Aby Warburg, Marcel Proust and Walter Benjamin and how they are related to Graindelavoix' performance practice of the past and its afterwardsness .
EXPO CATALOGUE TIME REGAINED - A WARBURG ATLAS
Especially for the occasion of the exhibition, MER Paperkunsthalle / Borgerhoff & Lamberigts published the extensive catalogue TIME REGAINED (A Warburg Atlas for Early Music).
Order the book through Graindelavoix' webshop.
ORLANDO FURIOSO, JACQUET DE BERCHEM
Nottebohmzaal Erfgoedbibliotheek Antwerpen
21 January 2022 19.00, 20.00, 21.00
For the Finissage of the expo Helden in Harnas in the Antwerp Heritage Library, a concert by Graindelavoix will highlight the Orlando Furioso by Jacquet de Berchem (1505 in Berchem - 1567 in Monopoli, Italy).
Born in Berchem (near Antwerp), De Berchem made his career mainly in Italy and though now forgotten, he was famous right up to the Baroque period, so famous that Caravaggio painted his scores on several of his works. He married the Italian noblewoman Giustina de Simeonibus and settled in the fishing town of Monopoli near Bari in Apulia. The stanze or verses from the Orlando Furioso, a mini-opera avant-la-lettre, were published in Venice in 1561. Berchem called them Capriccios and used this term for the first time in music. They are somewhere between the serious madrigal and the more popular cantastorie, the epic declamation of ottava rima stanze. Graindelavoix performs a selection of these rarely executed works. And so, Jacquet de Berchem returns for a brief moment to his birthplace, accompanied by the knightly stories that would make him famous, especially in Italy.
with Florencia Menconi (soprano), Andrew Hallock (contertenor), Albert Riera (tenor), Andrés Miravete (tenor), Marius Peterson (tenor) en Arnout Malfliet (bass)Floris De Rycker, lute/teorbo en Björn Schmelzer (artistic direction)
17 January - 25 February De Bijloke Gent
EXPO TIME REGAINED - A WARBURG ATLAS
INFO
https://www.bijloke.be/programma/1456/Een_nooit_geziene_atlas_voor_oude_muziek/Time_Regained
17 January 2022, 19.30 De Bijloke Gent / Café
LECTURE TIME REGAINED - A WARBURG ATLAS INFO & TICKETS
https://www.bijloke.be/programma/1775/Bjorn_Schmelzer/A_la_recherche_/
21 January, 19.00, 20.00, 21.00 Nottebohmzaal Erfgoedbibliotheek Antwerpen
ORLANDO FURIOSO, JACQUET DE BERCHEM
INFO
https://pers.consciencebibliotheek.be/s/68160ad3-439b-4ea3-8ed9-21643f59f763#
TICKETS
https://consciencebibliotheek.be/nl/activiteit/graindelavoix-geeft-exclusief-miniconcert-orlando-furioso-de-nottebohmzaal
Interesting review of Josquin the Undead by Karolina Kolinek-Siechowicz in the Music Magazine Ruch Muzyczny.
Josquin the Undead to nie tylko konfrontacja z fenomenem twórczości tego wyjątkowego kompozytora, jej kłączastą recepcją i legendą, którą obrosła przez wieki. To także manifest antyhistoryzmu Graindelavoix, a przede wszystkim: baczna obserwacja plonów, jakie przynosi zasiane przez Björna Schmelzera ziarno. Ziarno głosu
Karolina Kolinek-Siechowicz
Melancholia, schyłkowość, śmierć – te nastroje od dawna pozostają przedmiotem fascynacji zespołu, czego wyrazem są nie tylko kolejne płyty, lecz także teksty Björna Schmelzera, choćby te zawarte w Time Regained (#12/2019). Do albumów, których motywem przewodnim jest szeroko pojęta muzyka lamentacyjna, należy wszak Cecus z 2010 roku, gdzie obok kompozycji Alexandra Agricoli czy Pierre’a de La Rue znajdziemy jedno dzieło Josquina: Nymphes des bois – Déploration sur la mort de Ockeghem, bodaj najpiękniejszy lament w historii muzyki, w którym genialny twórca składa hołd swemu mistrzowi. Na najnowszej płycie zespół zarejestrował ten sam utwór, lecz w zgoła odmiennej interpretacji. Nieprzypadkowo wspominam o nagraniu sprzed 11 lat – w porównaniu obu wersji ujawnia się droga, którą przez ten czas przebyła formacja Schmelzera, droga bezkompromisowego łamania konwenansów, coraz swobodniejszego podejścia do zapisu rytmicznego i tempa oraz braku skrępowania w realizacji najbardziej ekstrawaganckich ornamentacji.
Ktoś mógłby rzec, że takich wykonań powinno się zakazać. Purysta wyłączyłby odtwarzacz po kilkunastu sekundach. Niestrudzony badacz renesansu zżymałby się na nonszalancję wobec reguł odczytywania notacji menzuralnej. Wychowany na Hilliardach i Tallisach meloman otworzyłby usta ze zdumienia, usiłując odnaleźć znaną linię melodyczną, która tutaj wypuszcza nieznane dotąd pnącza. A jednak – te polifoniczne barbarzyństwa mają dla mnie tak potężny ładunek piękna i ekspresji, że nie potrafię przejść wobec nich obojętnie. Jakkolwiek heretyckie byłyby niektóre z pomysłów Schmelzera, dopóty mają we mnie orędowniczkę i wyznawczynię, dopóki podążają za imperatywem odkrycia przed słuchaczem świata dźwięków – które są czymś więcej niż gładką harmonią, poprawnym odczytaniem zapisu czy głosem z historycznych zaświatów – czyniąc je na wskroś uobecnionymi, bezwstydnie cielesnymi i zmierzającymi wprost do „waszych uszu, głębi konchy, mięśni, błon śluzowych, chrząstek”, jak pisze Roland Barthes w Ziarnie głosu. Bo w tych kategoriach powinnam prawdopodobnie opisywać mój stosunek do Graindelavoix. Czy sąd smaku zawsze musi być oparty na racjonalnych przesłankach? Zjawiska kultu związanego z kontrowersyjnymi wykonawcami – przypomnijmy przypadek Pogorelicia – pokazują, że tajemnica tkwi poza zasięgiem intelektu.
"Słucham więc „nieumarłego Josquina” właśnie tak, jakby był ciągle obecny w dźwiękach, które ucieleśniają się w nagraniu, dopełniając idei Josquina wiecznie żywego, zapisanej w źródłach."
Reprezentacja utworów kompozytora w drukach muzycznych jest legendarna, a zdanie, że więcej skomponował po śmierci niż za życia, pojawia się niemal w każdej publikacji. Z tą ideą gra zresztą Schmelzer, sięgając do druku Tielmana Susata z 1545 roku, zawierającego 23 lamentacyjne chansons przypisywane Josquinowi (w tym słynne Nymphes des bois na śmierć Ockeghema) oraz trzy lamenty innych twórców jemu samemu poświęcone. Nie wdając się w problematykę atrybucji utworów, Schmelzer podąża za niezwykle pociągającą hipotezą koncept-druku, który wyraźnie oscyluje wokół tematu śmierci i schyłkowości, zestawiając ją z Freudowskim popędem śmierci czy Saidowskim stylem późnym. Jednocześnie lider Graindelavoix podkreśla antyhistoryzm zaprezentowanych wykonań oraz dążność zespołu do wychwycenia i uwypuklenia muzycznych anomalii, za pomocą których chce przedstawić napięcia między tym, co właściwe dla danej epoki, a tym, co poza jej horyzont wykracza.
Teoretyczne tło pozwala zrozumieć, dlaczego w wykonaniach Graindelavoix czas płynie inaczej. Jeśli Nymphes des bois wybrzmiewa w dwa razy wolniejszym tempie niż w jakimkolwiek innym nagraniu (także nagraniu tego samego zespołu z 2010 roku), dzieje się to, by superior śpiewany uwodzącym głosem Andrew Hallocka mógł zmieścić w partii girlandy żałobnych kwiatów. Bo czyż tekst tego przeszywającego lamentu nie wzywa nimf, by zmieniły swe czyste głosy w zawodzący płacz i wyraziły żałobę po stracie renesansowego ojca muzyki? W tym muzycznym czasie bezczas smutku jest więc potrzebny, by oswoić nieobecność, w którym współbrzmienia mogą wybrzmieć bez zbędnego pośpiechu.
Oryginalność tego albumu wynika nie tylko z podejścia do tempa i ornamentacji – to także lutniowy akompaniament (a czasem zastąpienie partii wokalnych instrumentalnymi, jak w Parfons regretz), eksponowanie poddawanej imitacji melodii (jak w Petite camusette, gdzie na początku zacytowany jest oryginalny ludowy temat) i przede wszystkim podążanie za ekspresją tekstu, również w barwie głosu, brak lęku przed tanecznością śmiertelnych topoi i rozkoszowanie się dysonansami. Graindelavoix to różnorodność: różnorodność głosów członków zespołu, które wierny słuchacz potrafi wychwycić z polifonicznego gąszczu, różnorodność interpretacji w zależności od charakteru utworu (kontrast między pełnymi powagi Musae Jovis Gomberta a humorystyczną Petite camusette!), a i różnorodność ich odczytań. Jeśli jest to Josquin nieortodoksyjny, z pewnością wyróżnia się na tle dźwiękowej tapety wielu innych wykonań. Czasami oszałamia, czasami budzi zachwyt, lecz nade wszystko – jest wciąż żywy.
Dlatego, recenzując Graindelavoix, podpisuję się pod wnioskami Barthesa: „Będę oceniał wykonania nie według reguł interpretacji, przymusów stylu (wysoce zresztą zwodniczych), które prawie w całości należą do feno-śpiewu (nie będę się zachwycał «ścisłością», «świetlistością», «szacunkiem dla tego, co zostało zapisane» itd.), lecz według danego mi obrazu ciała (postaci)” (tłum. J. Momro). Ciała – dodajmy – które pozostawia w muzyce ślad życia.
“Ce CD constitue non seulement l’événement du cinq-centenaire, mais aussi un des plus bluffants jamais entendus dans le répertoire Renaissance.”
Wonderful review by Christophe Steyne in Crescendo Magazine.
« Il en est qui naissent posthumes », écrivait Friedrich Nietzsche en 1888 dans Ecce homo. Sans guère d’éclipse jusqu’à nous, la notoriété de Josquin Desprez ne fit que croître après sa mort, qui stimula sa préséance dans divers recueils publiés dans les décennies qui la suivirent. Quitte à ce que certaines pages laissent douter de leur authenticité, comme le rappelait ironiquement l’éditeur bavarois Georg Forster en 1540 : « je me souviens d'un haut personnage disant que Josquin avait composé plus d'œuvres après sa mort que pendant son existence ». D’où le titre de ce disque aussi inquiétant que morbide : « Josquin le mort-vivant » !
Au-delà de la provocation de surface, colportée par le graphisme d’une pochette digne d’un album de Death Rock, le livret investigue le style ultime du compositeur tel qu’il apparait dans les tardives chansons qu’on lui prête, publiées à Anvers en 1545 comme Septiesme Livre par Tielman Susato. Le programme visite quatorze des vingt-trois chansons, sans expliquer comment s’est opérée la sélection qui a écarté Vous ne laurez pas, Plaine de dueil & de melancolye, Incessament liure suis a martire, En non saichant ce quil luy fault, Tenez moy en voz bras, Allegez moy, Vous larez sil vous plaist madame, Ma bouche rit & mon cueur pleure, Du mien amant le deppart m'est si grief. En tout cas, les pièces attribuées aux quatre autres compositeurs sont toutes là, dont les trois complaintes en la mémoire de Josquin, incluant le sublime Musae Jovis de Gombert qui cite Nymphes des bois.
Björn Schmelzer évoque brièvement la question de la paternité, qui a pourtant fait l’objet d’études fouillées. Déjà dans les années 1970, on se souvient des travaux de Jaap van Benthem et Bonnie Blackburn. Au chapitre concernant ce recueil, Peter Urquhart (Tielman Susato and the Music of his Time, Keith Polk, Pendragon, 2005) affirmait « bien que dix-huit des vingt-trois chansons apparaissent dans des imprimés ou des manuscrits antérieurs, seul un quart d'entre elles reçoivent des attributions antérieures à celles trouvées dans Susato. » Si on admet l’authenticité de ces chansons, l’analyse de Björn Schmelzer ne s’aventure pas moins dans des considérations intrigantes, au demeurant aussi érudites qu’intelligentes : autour des concepts de « compulsion de répétition musicale », de « pulsion de mort » et sa viscosité (Sigmund Freud), de « Totentanz de principes » (Theodor Adorno) reliés à l’instabilité tonale. Ces lignes pénétrantes et troublantes, qu’on vous conseille vraiment de consulter, ont orienté les décisions en matière de tempo, phrasé, ornementation, instrumentation. L’effectif de la session est entièrement masculin, soutenu par des cordes pincées aux effluves exotiques, au chevet d’images vacillantes (Baisiez moi, devenu presque capricant), d’arômes fumés au Latakia, d’intonations en sanglot, d’inflexions chavirées et autres balafres mélismastiques (Parfons regretz, Douleur me bat…) prisées par Graindelavoix, typiques de son credo esthétique hors norme. Sanctifié par une tradition (sur)vivante du chant populaire et liturgique (on pense souvent aux orients de Marcel Pérès et ses chantres), nanti d’une qualité vocale qui peut extirper tout minerai et gemme de son gisement : du granitique (Arnout Malfliet) à l’adamantin (superbe Andrew Hallock). La dentelle de luth et cistre contribue à la guipure des strates polyphoniques, et s’avère bienvenue pour habiller et habiter une réticulation parfois distendue par un tempo qui semblerait magnétisé par la stase. Au contraire d’un Se congie prens saturé et tiraillé ; et d’une Petite Camusette qui cingle comme une danse macabre : noce d’Eros et Thanatos, ici endiablée jusqu’au vertige !
Le post-scriptum de la notice rappelle ainsi la démarche de cet ensemble qui, plutôt que la notion « d’historiquement informé » et ce qu’elle implique de strict respect de la source, s’engage plutôt dans un rapport subjectif : « être fidèle à la musique du passé consiste pour nous à participer à son historicité en articulant précisément ce qui est en désaccord avec elle ». Bref, une relecture modernisante qui s’attache au sens patent mais surtout interstitiel, en traquant les contradictions et porte-à faux du style de l’époque. Les œuvres repensées dans leur décor, et dans leur discours, bien différemment de ce que l’Ensemble Clément Janequin nous a offert en début d’année chez Ricercar. Et pour cause, personne n’était allé aussi loin dans la réinvention de ces chansons : chacune s’en trouve littéralement psychanalysée, radiographiée dans l’âme, et exorbitée par ces effets dont Graindelavoix a le secret. Même au regard de leurs précédents albums, on n’exagère pas en disant que cette licence interprétative stupéfie. Ce Musae Jovis engivré, ravi à l’éternité, qui inaugure le disque, on l’écoute bouche bée, et elle n’est pas près de se refermer durant cette heure vingt ! L’insolence substituée à l’indolence : écouter quiconque après ça sent la poussière et le musée, nonobstant les valeureuses équipes qui se sont distinguées depuis quelques décennies. Ce CD constitue non seulement l’événement du cinq-centenaire, mais aussi un des plus bluffants jamais entendus dans le répertoire Renaissance. Nécromancie ? Une miraculeuse résurrection digne de Lazare. Josquin nargué, ardent, vivant, furieusement !
Son : 9,5 – Livret : 9,5 – Répertoire : 10 – Interprétation : 10
Christophe Steyne
On 25 NOV please join us for the online event with Marlies De Munck, Björn Schmelzer and eminent guest speakers Robert Pfaller and Pascal Gielen…
Join us Wednesday 24 November 19:15 at De Cinema in Antwerp!
Ryszard Lubieniecki about the film:
“(…) It was a big pleasure for me to watch Van Eyck Diagrams last night. I don’t know if you’ll agree with me, but I found it very… Bernhardian. All these monologues, weird dialogues, sense of humour, and of course scholarly-artistic figure of Van den Acker… I think that you perfectly captured the spirit of Thomas Bernhard, much better than all the over expressive theatre plays I saw. And exactly like after reading Bernhard I did not want to hear any additional explanations and I just wanted to stay with my impressions (…).”
The screening will happen with respect to all actual Covid measures!
English and Dutch spoken, English and Dutch subtitles!
Welcome Wed 24 Nov 2021 in De Cinema 19h15! Seminar at 16h...
https://www.decinema.be/producties/van-eyck-diagrams-2
Polyphony seems to be undead!
Josquin CD 2nd week in Belgian Ultratop 200 between Adèle and Duran Duran…
VAN EYCK, THROUGH A SCANNER DARKLY
Join the seminar (art and rethinking the digital and the virtual) on 24 November, 16h-18h, preceding our film VAN EYCK DIAGRAMS!
in De Cinema/De Studio, Antwerpen
Happy and proud to collaborate with ARIA, the Antwerp Research Institute for the Arts
Nous voici face à l’essentiel. Josquin a mis un terme à sa carrière et à ses voyages. II a quitté l’Italie et s’est retiré à Condé-sur-l’Escaut. Il a cinquante-quatre ans, âge vénérable. Il lui reste encore dix-sept pleines années à vivre. Il compose inlassablement – et au cœur de son travail se trouve la pensée de la mort.
Les pièces poétiques qu’il met en musique n’appartiennent pas toutes au genre funèbre ni à la déploration. Certaines sont même d’aimables bluettes dont le titre seul indique la nature : « Baisiez moi », « Faulte d’argent », « Petite Camusette »… D’autres en revanche sont teintes de mélancolie : « Si congies prends », « Regretz sans fin », entre autres. N’importe le texte. Josquin est décidé à ancrer sa musique dans la pensée du tombeau. Nulle lumière innocente ne vient baigner l’humeur de l’artiste. De sorte que tout ce programme semble une vaste réflexion et variation sur la mort. Cela est d’autant plus vrai que Josquin était de ceux qui préfèrent creuser leur sillon plutôt que s’en distraire et s’égailler. Les sensibles et savantes notes de Björn Schmelzer le disent : « dans la dernière étape de sa vie, Josquin semble mettre en place les techniques virtuoses de répétition comme s’il voulait articuler les ruines de la vie elle-même ». Cette obsession à la fois musicale et morale fait naître des oeuvres elles-mêmes obsédantes tant y est fascinant l'approfondissement d'une matière unique.
A cet égard, « Baisiez moi », dont le texte est si naïf, résonne avec le lancinant désespoir de « Parfons regretz ». Ainsi, de toute parole, Josquin excave la contemplative et déplorante teneur. Toute chanson devient à cette aune un Memento Mori. Toute musique, une philosophie de la mort. C'est en cela que Josquin est undead : la mort ne l'a pas saisi (et le nombre de compositions apocryphes parues après sa mort atteste plaisamment ce fait).
A cette constance dans l’évocation funèbre, il faut une interprétation qui elle-même sache tisser sa cohérence de ton et de couleur. Tout le travail de Grain de la Voix semble précisément tendu vers la composition de cette palette de clair-obscur, de mélancolie retenue, de gravité sans empois. Aux œuvres de Josquin sont adjointes des pages de Gombert, Vinders, Le Brun, Appenzeller dont la splendeur funèbre fait de courts requiems adressés à la mémoire de Josquin.
Le sublime naissant de la confrontation avec le terme ultime et l’insurpassable dignité des larmes sont ici chantés avec une probité et une profondeur sans pareilles, qu'on déconseillera cependant aux grands dépressifs.
Sylvain Fort
Wednesday 24.11.2021, De Studio/De Cinema Antwerpen
Van Eyck Diagrams - Van Eyck, through a Scanner Darkly, Part I
16.00 - 18.00 SEMINAR
19.15 INTRODUCTION by Björn Schmelzer
20.00 FILM SCREENING Van Eyck Diagrams
Thursday 25.11.2021, online event
Van Eyck, through a Scanner Darkly, Part II
20.00 - 22.00 LIVESTREAM
Introduction by Björn Schmelzer
Lectures by Robert Pfaller, Pascal Gielen
Moderated by Marlies De Munck
VAN EYCK DIAGRAMS IN DE CINEMA,
ANTWERPEN 24 NOVEMBER 2021, 19.15
De Cinema, the new place in Antwerp for independent films and all time classics, a collaboration between MuHKA Cinema Zuid and De Studio, is screening VAN EYCK DIAGRAMS on Wednesday 24 November 2021.
VAN EYCK DIAGRAMS is Graindelavoix's critical contribution to the Van Eyck Year in Flanders and at the same time the theatralisation of the group’s survival during covid...
Björn schmelzer about the film:"I think we have never been so near to what really interests me in the work with graindelavoix, not just performing 'beautiful' polyphony from the past, but including a critical stance(not without comedy or satire) towards artistic patrimony and the variety of exploitation, not only in commercial culture, but operating in an even more worrying way through politics and neoliberal ideology. Van Eyck functions as the signifier for all of them...There is of course also a naive attempt to save Van Eyck and his art, a yet unknown but much more subversive Van Eyck, through the forgotten research of art historian Gerard Van den Acker...There is polyphony here, but also art history, philosophy, comedy in the style of Thomas Bernhard, and the spectator will have a lot to ruminate on afterwards...Having some experience in making films in a tight schedule and no-budget, we decided together with our coproducers De Bijloke Ghent and Kunstfestspiele Herrenhausen, to adapt the original music theatre production... As often in cases in which one is forced to accept a surrogate, it revealed itself as maybe more to the point than the original... The medium of film and the way we were forced to engage with it, opened up other possibilities which would be impossible in the theatrical version... This is probably the first real Flemish covid-comedy, at least the only one interspersed with some of the most crazy and breathtaking polyphony ever written..."
De Cinema, de nieuwe plek in Antwerpen voor independent films en all time classics, een samenwerking tussen MuHKA Cinema Zuid en De Studio, vertoont VAN EYCK DIAGRAMS op woensdag 24 november 2021.
VAN EYCK DIAGRAMS is Graindelavoix’ kritische bijdrage aan het Van Eyck-jaar 2021 en tegelijk de theatralisering van hoe de groep probeerde te overleven tijdens covid...
Björn Schmelzer over de film:
“Ik geloof dat we nooit dichter hebben gezeten op wat me echt interesseert in het werk met Graindelavoix: niet gewoon het uitvoeren van prachtige polyfonie uit het verleden, maar eerder het insluiten op een heel concrete manier van een kritische houding (niet zonder comedy of satire) tegenover artistiek patrimonium, en de variëteit aan exploitatie, niet enkel in de commerciële cultuur, maar vooral ook (en dat baart me meer zorgen) aan het werk via politiek en neoliberale ideologie. Van Eyck was hier het voorbije jaar de spilfiguur van...
We hebben uiteraard getracht, op bijna naïeve wijze, om Van Eyck en zijn kunst te redden; de nog onbekende, maar daarom niet minder subversieve Van Eyck, dankzij het in de vergetelheid geraakte onderzoek van Gerard Van den Acker...
Er zal polyfonie zijn, maar ook kunstgeschiedenis, filosofie, comedy à la Thomas Bernhard, en zal er veel zijn om op te herkauwen achteraf...
Omdat we intussen enige ervaring hebben in het maken van erg strak getimede no-budget films, besloten we samen met coproducenten De Bijloke Gent en Kunstfestspiele Herrenhausen om de originele muziektheaterproductie om te zetten in film. Zoals vaak wanneer men verplicht is zich tevreden te stellen met een surrogaat, was het al gauw duidelijk dat een film hier misschien zelfs meer to the point was dan de originele theaterversie. Film als medium en de manier waarop we genoodzaakt waren het te gebruiken, opende andere mogelijkheden, die er niet zouden geweest zijn in een theaterversie.
Ik ga er prat op dat dit misschien wel de eerste Vlaamse covid-comedy is, en dat met de meest hallucinante en adembenemende polyfonie die ooit gecomponeerd is..."
with Alain Franco, Andrew Hallock, Albert Riera, Marius Peterson, Arnout Malfliet, Marlies De Munck, Bert Timmermans, Timothy Foubert, Paul Robbrecht, Babucarr Joof, Jana De Lange, Lisa Roelands, Sophie Hellemans, Peter Malfliet, Dauwe Bogaerts, Cas Ezzy, Sasha Lima, Manuel Mota, David Maranha, Margarida Garcia, Björn Schmelzer
Felipe Pipi Director of Photography
Olivier Blanc, Anton Vodenitcharov, Alex Fostier Sound
Margarida Garcia Co-director
Willem Van Vooren, Katrijn Degans Production
Written, directed and edited by Björn Schmelzer
tickets: €7 (standard) / €5 (reduction -26/+60/ vrienden van het Muhka)
VAN EYCK, Through a Scanner Darkly
Side program on 24 November (part I) and on 25 November 2021 (part II)ARIA, The Antwerp Research Center for the Arts, in collaboration with Graindelavoix, is organizing an introductory seminar in De Studio before the film screening and an online aftertalk, the day after, with keynotes by Austrian philosopher Robert Pfaller and Belgian sociologist Pascal Gielen, moderated by philosopher Marlies De Munck and introduced by Björn Schmelzer.We welcome everyone interested in the work of Björn Schmelzer and Graindelavoix, (performing) arts and politics, Jan Van Eyck and art history, the problematics of distance and nearness in art... ARIA, The Antwerp Research Center for the Arts, in samenwerking met Graindelavoix, organiseert een inleidend seminarie in De Studio, voorafgaand aan de filmvertoning, en een online nagesprek, met keynotes door Oostenrijks filosoof Robert Pfaller en Belgisch socioloog Pascal Gielen, gemodereerd door filosoof Marlies De Munck, met een introductie door Björn Schmelzer.
Welkom aan iedereen met interesse in het werk van Björn Schmelzer en Graindevoix, (performance) kunsten en politiek, Jan Van Eyck en kunstgeschiedenis, de problematiek van afstand en nabijheid in de kunst...
24 November, 16:00 - 18:00 Seminar in De Studio/De Cinema, Antwerpen
More info and registration: https://www.uantwerpen.be/en/research-groups/aria/activities/research-seminars/van-eyck-through-a-scanner-darkly/
25 November, 20:00 - 22:00 online event - livestream, free access:
https://www.youtube.com/channel/UCKhl8cXfX0Gv-H1HC98T_Dw
https://www.facebook.com/ARIA-867610663350506/
https://www.facebook.com/graindelavoix
recensie klassiek door Sofie Taes in De Standaard van 23 oktober 2021
Graindelavoix
Josquin, the undead: laments, deplorations & dances of death
*****
Graindelavoix redt superster oude muziek
Dat het Josquin-album van het ensemble Graindelavoix er überhaupt kwam, mag een mirakel heten. Door corona was er geen geld meer. Maar kijk, nu ligt er een parel.
Ze misten de eindejaarslijstjes met winnaars en kneusjes onder de platen die aan de 500ste sterfdag van polyfonist Josquin des Prez waren gewijd. Het heeft zelfs weinig gescheeld of er was helemaal geen Josquin-album van Graindelavoix. ‘De pandemie heeft er zwaar ingehakt. Doordat alle concerten werden geschrapt, stuikte onze begroting in elkaar’, zucht frontman Björn Schmelzer. ‘Plots konden we ook die Josquin-cd niet meer maken.’ Dankzij een schenking van een fan (‘ongelooflijk dat zoiets nog kan’) en een residentie bij de Italiaanse stichting Spinola Banna kon de groep nog net in het staartje van de Josquinhausse bijten.
Back to the future
Het is in de oudemuziekscene zoals op de speelplaats: er zijn queen bees, meelopers en outcasts die het gewend zijn bij trefbal een tik tegen de knikker te krijgen. Het kritische vermogen van Graindelavoix blijkt na twintig jaar van occasionele builen onaangetast. Uit de liner notes bij Josquin the undead: ‘Onze interpretaties vertrekken van historische repertoires maar zijn overtuigd anti-historicistisch.’ Of je de historische uitvoeringspraktijk zo niet te makkelijk ontmant? ‘Ik ben er niet van overtuigd dat we om oude muziek te kunnen uitvoeren, moeten uitzoeken hoe het leven toen was. Muzikanten proberen vaak het gat in de tijd dicht te rijden om de vervreemding uit te vlakken. Maar mensen waren toen evengoed vervreemd van zichzelf. En dat gat in de tijd, daar moet je als uitvoerder net inspringen. Het is de plek waar je muziek voor vandaag kan maken.’ Meer zelfs, met genieën als Josquin gaat het terug naar de toekomst: ‘We moeten af van de neerbuigende idee dat kunstenaars van dat kaliber voor hun tijdgenoten werkten. Josquin componeerde voor het nageslacht. Voor ons.’
Een plaat maken in een jaar waarin het al Josquin is wat de klok slaat: meesurfen op de mainstream? ‘Natuurlijk wil je aandacht voor je werk. En zo’n herdenking levert pers en speelkansen op. Maar er is meer. We wilden Josquin redden uit de verkeerde handen. Bepaalde politieke stromingen komt het goed uit om kunstenaars tot slippendragers van het establishment te maken. Een genie als Josquin wordt dan gebrandmerkt als een parochiale fiedelaar die deed wat mecenassen, prinsen en pausen hem opdroegen. Wel, ik geloof dat niet. Ik zie het dan ook als onze morele plicht om hem als artiest te tonen.’ Wat met de plicht om kleinere meesters van de vergetelheid te redden? ‘De idee dat je zoveel mogelijk nieuwe, onontdekte muziek moet brengen, volg ik niet. Integendeel, ik pleit voor zoveel mogelijk van hetzelfde! De essentie is wat ontstaat in de ruimte tussen verschillende uitvoeringen: de universele Josquin.’
Spiegelpaleis
Josquin the undead werd geen hommage aan de onsterfelijke, maar aan de ‘ondode’ Josquin. Een half schertsende titel, geeft Schmelzer toe, al ziet niet iedereen er de humor van in. ‘Ik hoorde zelfs van iemand die de plaat wilde kopen maar ervan afzag door de schedel op de cover!’ De idee van de ondode componist is (gelukkig) niet alleen farce, maar ook de clou van de plaat. ‘Josquin was bij leven al een legende. Na zijn dood schoot zijn ster zo hoog dat heel wat fakes onder zijn naam werden gepubliceerd. De Duitse uitgever Georg Forster zei in 1540 al dat Josquin meer na, dan voor zijn dood had geschreven (lacht). Een kunstenaar die zo wordt gehypet en gemonumentaliseerd, wordt onaantastbaar. Niet levend en niet dood, maar “ondood”’. Als superster was Josquin ten dele een fabricatie van de tijd. En van slimme marketeers, zoals Tielman Susato, de Antwerpse drukker die in 1545 een herdenkingsbundel uitgaf met een mix van canonieke en apocriefe werken. De ‘Antwerpse Josquin’ die Susato zo boetseerde, was niet bepaald een vrolijke Frans, aldus Schmelzer: ‘Alle liederen gaan over inertie, impotentie, falen, liefdesverdriet, spijt en doodsdrift … Je krijgt het gevoel dat Josquin met deze werken, die hij schreef in Noord-Frankrijk tijdens zijn pensioen, zijn eigen dood in scène zet. Hij was zich duidelijk bewust van zijn bijzondere status als kunstenaar. Misschien was hij zelfs een beetje een narcist.’ Een modernist, dat zeker: Josquin kon als geen ander minuscule motiefjes tot mollige liederen vilten. ‘Daar zit je dan traktaten over compositie te lezen. Komt een Josquin die zegt: “Fuck off met die regels.” Misschien vinden we zijn muziek net daarom het beste van het beste? Voor mij is dat een reden om ook voor vandaag componisten te wensen die “nee” zeggen. Zij maken muziek die blijft boeien en je doet voelen hoe de luisterervaring met de jaren verandert. Hun werken zijn als spiegelpaleizen: door alle reflecties heen zie je uiteindelijk jezelf.’
Gewoon mooi
Schmelzer, immer bevlogen en geopinieerd, heeft zelf wel iets van een profeet. Dat zijn muziek soms zo weerbarstig is dat ze als draadvlees tussen je tanden blijft steken, durfde in het verleden wel eens roet in het eten te gooien. Niet zo op deze plaat, de meest intimistische Graindelavoix tot dusver. De meest genereuze ook, met een sound die zelfs verbleekte knekels kan verwarmen. Schurende dissonanten, folky zangtechnieken, off the charts versieringen: dat heet vintage Graindelavoix, maar was nooit spek naar ieders bek. Maar ditmaal zitten de weerhaakjes stevig in het vlees van de groepsklank, waardoor het gimmick-gehalte nagenoeg nihil is. De negen uitvoerders zouden elkaar zelfs blindelings vinden, maar doen het met de ogen wijd open: spannend. Het beste nieuws: deze plaat is gewoon mooi. ‘Ik zou willen dat de luisteraar meegezogen wordt. Dat dit iets doet met iemand’, aldus Schmelzer. Missie geslaagd: de ondode is geen zombie maar een warm lijf waartegen het zalig schurken is.
“Ce qui est sûr, c'est que la fascinante liquidité des voix (on parlerait presque, comme Schmelzer, de viscosité pour paraphraser Freud) exalte de manière totalement déroutante mais en même temps terriblement séductrice la mélancolie, le regret ou la décadence dont traitent ces chansons.”
Review by Thierry Hillériteau in Le Figaro
Our new CD is out! If you want to hear it live, join us in Grimbergen or Maasmechelen, tomorrow or the day after…two locations which belong to our all time favorites!
https://www.ccstrombeek.be/podium/graindelavoix
https://www.ccmaasmechelen.be/programma/graindelavoix-2
Tonight we sing two concerts in the Wunderkammer of Vanhaerents, center of Brussels, with Wunderkammer-polyphony by Machaut, Agricola, Ashwell, Gombert, De Rore and Gesualdo.
Jeroen Olyslaegers over Josquin the Undead:
"Gisteren hebben we naar graindelavoix mogen luisteren in de Bijloke te Gent. Al bij het eerste polyfonisch lied van Josquin 'the Undead' voelde ik de tranen komen. Zo heftig kwam het binnen, zo lang blijven deze merkwaardige liederen vol liefde, dood en theatrale zwaarmoedigheid én schalksheid nazinderen... Artistiek leider Björn Schmelzer is voor mij een verwante ziel in zijn zoektocht naar dissonanten waarvan hij aanvoelt dat ze ook oorspronkelijk in de zestiende eeuw niet werden vermeden, in het schuren tussen het hemelse en het aardse, tussen groep en individu, het volkse en het verhevene. Dat zoekende gecombineerd met al dat internationale talent maakt dit ensemble wereldklasse. Moeiteloos zijn ze ware culturele ambassadeurs van Antwerpen, maar dat - typisch - hebben ze in 't Stad nog niet overal door... Iedereen, van alle leeftijden, zou dit mogen meemaken."
We celebrate the release of our new CD on Friday and Saturday, please join us!
https://musica-divina.be/.../de-antwerpse-josquin-van...
https://www.bijloke.be/.../GRAINDELAV.../Josquin_the_Undead/